GEWOON K

“Zo met de deur in huis vallen als Chantal Deen met de titel van haar boek doet, zo schrijft ze ook haar ervaringen en gevoelens op – of van zich af – over haar borstkanker. In korte hoofdstukken, die erg aan columns doen denken, komt met veel humor en een portie zelfspot de mallemolen van diagnose, angst, chemo, bestraling en operatie langs. Dit is vaker beschreven in een egodocument, maar de stijl van deze auteur is zeer verfrissend en direct.
Lees verder

Commentaar lezerspanel

‘Chantals houding, vechtlust, vertelstijl (en daarmee: haar boek) is er eentje waar de lezer – los van het onderwerp kanker – voor zichzelf een levensles uit kan plukken; op het gebied van voor jezelf opkomen, jezelf uitspreken, lef tonen, in enge situaties het hoofd koel houden en gáán voor hetgeen (en voor de personen) waar je hart naar uitgaat. Dát gevoel is bij ons sterk blijven hangen.
Lees verder

scènes uit een verpleegtehuis

‘Twee handen gebruiken! Kijk nou uit! Je gaat zo knoeien.’ Dit en meer vuurt mevrouw B af op mijn moeder. Plaats delict is de eettafel in het verpleegtehuis. Hoe goed de bedoelingen ook zijn van haar medebewoner, mijn moeder ziet dit anders. ‘Jij moet niet zo mauwen’, roept ze. Gelukkig zijn de meeste bewoners zo doof als een kwartel dus de boodschap bereikt de overkant van de tafel niet. Dit is slechts een klein onderdeel van de conversaties die plaatsvinden tijdens een lunch op de afdeling van mijn moeder. ‘Heb jij ook van die vieze Hongaarse groenten?’, hoor ik mevrouw D aan haar buurvrouw vragen. Voordat die buurvrouw haar kan voorzien van een antwoord, vraagt de voedingsassistente wat er hand is. Ik zie dat de dame D zich betrapt voelt en met een hoog stemmetje vraagt wat het voor groenten zijn. De voedingsassistente zegt dat het gaar bete groenten zijn. Als gebeten door een wesp veer ik op en zeg, ‘Oh, je bedoelt beetgaar?’. Ja die bedoel ik, zegt ze, zonder te verblikken of verblozen. ‘Die lust ik niet’, meldt mevrouw D weer. ‘Ik ook niet’, piept haar buurvrouw die er nog aan toevoegt dat ze aardappelen niet lekker vindt. ‘Dan moet je dat melden’, is het antwoord van de voedingsvrouw. ‘Dat heb ik gedaan’, fluistert de vrouw nu. ‘Wat zei je daar, mevrouw J?’, vraagt de eetgoeroe op schelle toon. ‘Niks’, zegt J. In stilte eten de bewoners verder. Ondertussen voer ik mijn moeder haar middagmaal en heb een prima overzicht van alle bewoners aan tafel. Ze moeten allemaal twee weken van tevoren hun keuze doorgeven anders is... Lees meer

De verkering van mijn moeder

‘Heb je het al gehoord, Sas (mijn moeders koosnaam voor mij)?’, vraagt mijn moeder als ik haar bezoek in het verpleegtehuis. ‘Weet je nog, die minnaar die ik vorig jaar had? Je weet wel, Adriaan.’ Ik heb echt geen flauw idee waar ze het over heeft maar het geeft haar zichtbaar energie dus ik besluit mee te spelen. ‘Oh die’, probeer ik overtuigend te roepen. ‘Nou, hij heeft gevraagd of ik met hem wil trouwen en ik heb ja gezegd. Hoe vind je dat dan? Ik ben gewoon verloofd. Is het niet zalig? Eindelijk doe ik weer mee in de maatschappij en is mijn drang om te gaan hemelen verdwenen’. Stralend zit mijn moeder tegenover mij. Ze blijft maar praten over haar verloofde. De namen van mijn kinderen kan ze zich niet meer voor de geest halen, wel hoe ze hand in hand heeft gelopen met Adriaan. Haar arts vertelde dat ze veel symptomen heeft die lijken op dementie. Dat veroorzaakt de gaten in haar geheugen. Hij maakt de vergelijking van ons geheugen met een kast vol boeken. Het begin van dementie/alzheimer is dat sommige boeken niet direct te vinden zijn. Het duurt gewoon even voordat het juiste boek met daarin de bijpassende herinnering is gevonden. De volgende stap is dat er boeken (herinneringen) zijn uitgeleend en de vervolgstap is dat die boeken nooit meer worden teruggebracht. Van lieverlee wordt die boekenkast een chaos en zijn de nieuwste exemplaren vaak het snelst verdwenen. Dat verklaart dat mijn moeder niet meer weet waar ze hiervoor woonde, dat ze een 2e man heeft gehad of hoe haar kleinkinderen heten. Iedere herinnering... Lees meer

Dood is het laatste

‘Dood is het laatste’, zei iemand, die zijn vrouw is verloren door een hersenbloeding. Hij zei dit na het horen van de klaagzang van mijn broer en mij over de toestand van onze moeder. ‘Jullie kunnen haar nog ruiken, horen en zien; dat is zoveel waard’, was zijn eindpleidooi. Iemand anders zei, ‘Ze is nu nog warm hè’. Ze hebben allebei gelijk maar tegen welke prijs? Mijn moeder is allang uitgecheckt. Ik zie licht branden in haar ogen maar er is niemand thuis. Is het dan gek dat je kunt verlangen naar de dood van die ander? Ik praat hierover met mijn broer die, in tegenstelling tot mij, mijn moeder elke dag bezoekt. We zijn het er samen over eens dat dit geen kwaliteit van leven is. Maar wie zijn wij om te bepalen dat haar leven moet stoppen? Mijn broer mag iedere dag weer mijn moeder vertellen dat ze nooit meer kan lopen, zitten of vast voedsel kan eten. Het voelt als de film “Groundhog day”: daarin beleeft de hoofdrolspeler steeds dezelfde dag opnieuw, net als mijn moeder. Is dat kwaliteit van leven? Daar waar ze met haar sterke lijf, kort na haar hersenbloeding besloot om langer bij ons te blijven, laat datzelfde lichaam het steeds vaker afweten. Mijn moeder wint met gemak het ziektekwartet. Een greep uit haar huidige lichamelijk ongemakken zijn: oorontsteking, blaasontsteking, gordelroos, luieruitslag (ook dat nog, ja), overal slechte huidconditie, oedeem aan haar hand, zwelling aan nagels en ga zo maar door. De pijn is soms ondragelijk en wij staan machteloos langs de kant. Mensonterend om zo de winter van je leven te slijten.... Lees meer

GEWOON K is verkrijgbaar bij de boekhandel!

Bestel alvast het boek

‘De columns van Chantal raken me. Op een realistische manier laat ze zien wat borstkanker met je doet en wat de impact is van de ziekte. Indrukwekkend mooi!’

– Quinty Trustfull, presentatrice en ambassadeur van Stichting Pink Ribbon