Maakt het je blij?

Sinds 1 januari kun je op Netflix kijken naar de opruimkunsten van Marie Kondo. Haar motto luidt: ‘Does it give you joy, do you feel a spark? No, then throw it away.’ Op zijn Hollands: ‘Maakt het je blij, voel je vreugde in je hart? Nee, sodemieter het dan maar weg.’ Ik ben verslaafd aan deze nieuwe serie. Mari is een opruimfanaat die mijn huis ook wel kan gebruiken. Echter mocht ik samen met broer eerst aan de slag in het huis van mijn moeder.

Door haar hevige hersenbloeding zal mijn moeder nooit meer zelfstandig kunnen wonen. Ze is overal van afhankelijk: ze kan niet lopen, geen vast voedsel eten en niet zitten door een afwezige rompbalans. Vaak ziet ze de wereld heel anders dan wij, haar besef van tijd, plaats en meer laat haar vaak in de steek. De tijd is dan ook aangebroken om haar huur op te zeggen en het huis op te ruimen.

Samen met mijn broer ben ik door haar woning gelopen. Ik zag wel waar ik mijn bewaardrift van heb. We troffen door het hele huis foto’s, briefjes, kaartjes, bonnetjes en andere prullaria aan. Ga daar maar een keuze in maken. Zo ook haar kleding, meubels en bed. Waar is Marie als wij haar nodig hebben? Gelukkig lijkt mijn broer niet besmet, of hij doet alsof, want hij maakt snel korte metten en kiest rap. Dit gaat weg, dat gaat in de opslag en dat neem ik of jij mee. Gewapend met twee tassen kom ik thuis. Daarin zitten voornamelijk foto’s en andere memorabilia.

Door het kijken van de serie en de sterfelijkheid van mijn moeder maak ik de balans op. Ik ga opruimen en wegdoen wat mij geen goed gevoel (meer) geeft. Wat moet ik met al die overbodige meuk? Juist-helemaal-niets.

Ik wil starten met iets kleins want ik ken mezelf maar al te goed. Als ik begin, haal ik werkelijk alles overhoop om later te bedenken dat ik geen zin meer heb. Ha, maar hier staat de nieuwe Chantal en zij heeft haar zaakjes op orde en zal klein beginnen.

De sokkenmand lijkt mij een uitstekende eerste keuze totdat ik de mand heb omgekieperd. Waarom koop ik toch steeds weer zwarte sokken? Tientallen solo-sokken staren mij aan. Alsof ze willen zeggen: ‘Waar is mijn wederhelft?’ Eens in de zoveel tijd ga ik sokken paren. Paren ja, om die sokken opnieuw de liefde te laten verklaren aan elkaar. Dat die liefde broos is, merk ik vaak weken later als er weer een sok mist. Mij bekruipt dan het gevoel dat ze niet genoeg van elkaar houden. Anders blijf je toch wel bij elkaar?

Hoe meer sokken ik sorteer op kleur hoe moedelozer ik word. Waar zijn hun partners als je ze nodig hebt. Ik koop sokken met een streepje bij de hiel of een tekstje op de hak in de hoop dat ze elkaar niet verliezen. Dat werkt dus niet. Sterker nog; ik blijf sokken kopen en die mand groeit lustig verder. Weggooien durf ik niet want stel dat de wederhelft ineens opduikt in de bonte was van 40 graden? Dan wil ik dat geluk niet in de weg staan. Uiteindelijk kan ik een aantal sokken blij maken met een ander maar dat is het dan wel. Mari zal niet blij met mij zijn, ik heb namelijk van niemand afscheid genomen. Ik hou van ze allemaal.

Als ik de mand heb weggezet, pak ik de twee tassen uit van mijn moeders huis. Ik laat de foto’s door mijn handen gaan en leg de vinger op de oude zere plekken. ‘Does it give me joy?’ Ja! ‘Does it leave a spark?’ Ja!

De rest van mijn moeders huisraad is zo goed als opgeruimd, uitgeruimd, weggegeven en opgeslagen. Binnenkort zullen we het huis bedanken voor haar bewezen diensten, zo zou Marie Kondo het gewild hebben.

Liefs,

Chantal

Volgende
Vorige